Thema: Landschap

 ‘t IJssellandschap in de mist

Van uw schoonheid vergewist

Een wereld van verschil

Verhuld het landschap stil.

 

Wassend water tot de bandijk

De uiterwaarden bemest met slijk

Hoe prachtig de rivier meandert

’t Landschap er door veranderd.

 

Uiterwaarden als onderdeel van de natuur

Met populaties grutto, wintertaling, tureluur

Vogelmelk en dotterbloem, prachtige planten

Je ziet ze langs de IJssel aan beide kanten.

 

Het leven in poelen, hanken en plassen

De vele soorten amfibieën verrassen

Koeien grazen er op het malse gras

Wil niet weten als dit er niet meer was.

 

 

Allerzielen

Geloof is ook voor doven

Zo deed men mij geloven

Het was iets waar blinden

zich ook in konden vinden.

 

De ongelovige stond voor een muur

Kwam niet verder dan het vagevuur

Voor de ongelovige gesloten deuren

Geen God of goed mens te bespeuren.

 

Op de deur naar de hemelpoort

Werd zijn kloppen niet gehoord

Daarin had niet de atheïst

Doch de gelovige zich vergist.

Dromen

Meisje, wil je met me dromen

Niemand zal er achter komen

Laten we dromen met z’n twee

Dan neem ik mijn knuffel mee.

 

Meisje, ik sta tot aan mijn knieën

In de ideeën en de fantasieën

Kom gauw, pak me bij de hand

dan neem ik je mee naar dromenland.

 

Meisje, blijf daar niet zo stokstijf staan

Kruip eens lekker tegen me aan

We houden dit vol van de wieg tot aan het graf

en straks, dromen we elkaar lekker af.

 

Naar Kees van Kooten ‘Koot droomt zich af’.

 

 

Zelfzucht

De hang naar meer willen weten

Om je met anderen te kunnen meten

Maakt drang naar zelfzucht zo groot

Dat je het voor beiden verkloot.

 

 

Altruïst

De altruïst is onbaatzuchtig

Ziet het leven heerlijk luchtig

Anderen helpen is een lust

Dat doet hij onbewust.

 

 

Autobiografisch

Dichter bij dichters blijven

Doorgronden wat zij schrijven

Schrijven voor eigen gehoor

Of zo maar een welwillend oor.

 

Er komt geen letter op papier

Geblokt door het twijfeldier

Vandaag geen boeiende verhalen

of sappige schandalen.

 

Met tien kromgetrokken tenen

Schop ik mijzelf tegen de schenen

Loop de hele dag te smeken

Mijn comfort zone te doorbreken

Dit keer twijfel ik niet aan mij zelf, zoals u ziet.

 

 

Etcetera

Een zin moet lopen en men hoort weldra

dat het niet past als deze begint met et cetera

Et cetera de koeien, de paarden en het vee

Vooraf voort en zo, dat valt ook niet mee.

 

Et cetera

Wat was het slecht weer

De hemel spuugde op mij neer

Niet eenmaal, maar bui, na bui, na

Et cetera

 

 

Anafoor Et cetera

Mijn naam is Van Galen

Mijn naam is Van Galen

Mijn naam is

Ik blijf het niet herhalen.